Vitamine K (fytomenadion)

ATC: B02BA01

Konakion
Ouderenzorg

Selecties

Cardiovasculair stelsel:

Motivatie

MOTIVATIE VOOR DE SELECTIE

  • Het enige antidoot voor vitamine K-antagonisten.

Indicatie
Overdreven effect
van Vitamine K-antagonisten
(INR>5)
Criteria voor
de selectie
Werkzaamheid
Veiligheid
Gebruiksgemak
Prijs
Expert
consensus
+


Dosering

Antidoot voor de vitamine K-antagonisten:

  • Een lagere dosis wordt aanbevolen voor ouderen (grotere gevoeligheid voor het antagonistische effect op de antistolling).
  • De toediening van de vitamine K-antagonist moet worden gestopt.
  • De posologie is afhankelijk van het beoogde resultaat, de INR-waarde en de ernst van de bloeding*.
  • Doses van 0,5 tot 1,0 mg vitamine K1, IV of oraal toegediend zijn effectief voor het verlagen van de INR naar < 5,0 in 24 uur bij ouderen.

*Bij overdreven effect van de vitamine K-antagonisten is toediening van vitamine K te overwegen vanaf een INR > 5, maar vaak volstaat het onderbreken van de toediening van de vitamine K-antagonist (zie 2.1.2.1.1. Vitamine K-antagonisten).

In geval van nierfalen

  • Geen dosisaanpassing bij nierinsufficiëntie.

De rubrieken hieronder verwijzen naar de geneesmiddelgroep waartoe het hier beschreven geneesmiddel behoort, indien deze beschikbaar zijn in het Gecommentarieerd Geneesmiddelen Repertorium.

Bijzondere voorzorgen

  • Na toediening van hoge doses vitamine K wordt het effect van de vitamine K-antagonisten dagenlang tegengegaan, en zal men daarom soms tijdelijk heparine moeten toedienen.
  • Opletten voor verhoogde kans op hemolytische anemie bij glucose-6-fosfaat-dehydrogenase (G6PD)-deficiëntie.
  • Vitamine K mag bij gebruik als antidotum niet intramusculair worden toegediend. Bij intramusculaire toediening treedt namelijk depotvorming op met hieruit doorlopende afgifte van vitamine K1. Dat kan problemen geven bij het herstel van een anticoagulerende behandeling. Bovendien kunnen intramusculaire injecties hematomen veroorzaken bij patiënten die anticoagulantia krijgen.

Ongewenste effecten

  • Intramusculaire toediening bij verhoogde bloedingsneiging: hematoom.
  • Intraveneuze toediening: overgevoeligheidsreacties gaande tot anafylactische shock.